Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) publiceerde vandaag op Prinsjesdag de Klimaat- en Energieverkenning 2025. De KEV bevestigt wat de sector al langer ziet: met het huidige beleid halen we de klimaatdoelen niet. Het perspectief op een (bijna) CO₂-vrije elektriciteitsvoorziening in 2035 blijft haalbaar, maar de uitvoering stokt. Zonder investeringszekerheid verliezen we tempo, banen en leveringszekerheid — terwijl betaalbare, betrouwbare groene energie essentieel is voor onze economie en strategische autonomie.
Het PBL stelt, zoals Holland Solar ook al eerder concludeerde op basis van het CBS, dat we in Nederland nog nooit zo afhankelijk zijn geweest van het buitenland voor onze energie als nu. Gelukkig kunnen we, met de juiste beleidskeuzes onze afhankelijkheid weer verkleinen. Dan moeten we wel de uitrol van onder andere zonne-energie versnellen. In 2030 zouden we dan het sluiten van de gaswinning in Groningen, en onze stijgende energieafhankelijkheid, gecompenseerd kunnen hebben met zon, wind en opslag. Dat vraagt wel om nieuw beleid.
Zonne-energie. Richting 2030 blijft zon groeien, maar de motor sputtert. De particuliere markt remt af door het beëindigen van salderen vanaf 2027 en de politieke discussie die voorafgaand aan dit besluit gespeeld heeft. Zonne-energie blijft een goede investering voor huishoudens. Een kWh zonnestroom kost een gemiddeld huishouden euro 0,05 kWh als investering, maar voorkomt het inkopen van een kWh voor euro 0,25 kWh.
Ook zien we positieve signalen bij de daken van bedrijven en instellingen (zogenoemd C&I-segment) en geselecteerde grondgebonden projecten met PPAs of eigen verbruik. Hier gaat de transitie gewoon door.
Tegelijkertijd verslechteren veel businesscases door veel uren met (zeer) lage of negatieve prijzen wat leidt tot toenemende curtailment (het uitzetten van een productie-installatie). Dat is op zichzelf geen probleem, maar het vereist wel een andere manier van denken. Batterijen en direct verbruik op locatie worden steeds belangrijker. Daarnaast blijft netcongestie een structurele beperkende factor; projecten met co-locatie van opslag of sturing op eigen verbruik krijgen daardoor relatief voordeel. Conclusie: zon blijft cruciaal voor het hernieuwbare aandeel tot 2030, maar vraagt nú om voorspelbare inkomsten, ruimte op het net en snelle uitrol op daken.
Aanvullend beleid en budget: wat nu nodig is
“De snelste megawatts liggen op onze daken. Verhoog de nieuwe normering voor grote daken zodat we geschikte daken standaard vol leggen. In combinatie met CfD-budget en een PPA-garantiefonds blijft de investeringspijplijn voor zon vol en verlagen we de energierekening voor bedrijven.”
- Wijnand van Hooff